En Jezus zei: "Laat de kinderen tot mij komen" Marcus 10:14

De eindeloze rit

Ik stap voorin de ambulance, als ik achter me kijk zie ik Levi liggen. Ik ben alleen, Timon mag niet mee in de ambulance  in verband met de corona maatregelen. Hij rijd achter ons aan in de politieauto. We rijden het dorp uit. Overal mensen langs beide kanten van de weg. Loeiende sirenes en ik voel me verschrikkelijk. Ik kan niks anders dan hopen en bidden, hopen dat onze lieve Levi bij ons blijft, maar bidden lukt me eigenlijk niet. Ik ben zo bang.  Ik kijk steeds naar achteren. De arts zegt dat het goed gaat. Maar wat betekend goed? Ik zie nog steeds een levenloos jongetje liggen. Het voelt absoluut niet goed. Ik kijk en luister naar wat er gezegd word en trek daaruit mijn conclusies. En de route richting het Sophia Kinderziekenhuis lijkt eindeloos te duren. Ik vraag waarom we niet met de traumahelikopter zijn gegaan. De ambulancebroeder legt mij uit dat ze Levi in de ambulance beter kunnen helpen. Het stelt me gerust, ik weet dat ze alles doen wat ze kunnen.

Ik pak mijn telefoon en probeer mijn moeder te bellen. Ze neemt direct op. Ik probeer rustig blijven. "mama, je moet niet schrikken, maar er is iets met Levi. We rijden nu in de ambulance naar het ziekenhuis."

 

Als we in het ziekenhuis zijn gaat alles razendsnel. Ze staan met een heleboel mensen om Levi heen. We kunnen niet bij hem, Timon en ik zitten op een stoel in het hoekje van de kamer. We zien alles wat gebeurd en we kunnen alleen maar huilen. Zo bang heb ik me nog nooit gevoeld. Ik kijk Tiem aan en ik zie aan zijn ogen dat ook hij bang is. Maar ik zie ook aan zijn ogen dat het goed komt. Hij stelt me gerust, we hebben hoop en zoveel vertrouwen. Dan vertrekken we naar de ic. 

Ook op de ic gebeurd er veel. Iedereen staat om Levi heen. Artsen en verpleegkundige komen steeds naar ons toe om ons te vertellen wat zij aan het doen zijn. We luisteren, maar eigenlijk horen we niets. Levi word aan de beademing gelegd, er word een infuus geprikt, op zijn hoofdje worden allemaal plakkers aangebracht waarmee ze de hersenactiviteiten kunnen controleren. Overal zien we slangetjes, draadjes en buisjes. En ons dappere jongetje laat het allemaal maar gebeuren. Hij heeft het niet in de gaten. Ze houden hem in een diepe slaap.

 

Inmiddels zijn mijn ouders ook in het ziekenhuis. Het is fijn dat ze er zijn. We gaan naar een apart kamertje, dit is ook het kamertje waar Timon en ik vannacht mogen blijven slapen. En daar zitten we maar. We vertellen ons verhaal voor zover dat lukt. Verder zijn we alleen maar zo bang, zo verdrietig en  zo machteloos. Het enige wat ik kan is huilen. Ik blijf maar trillen en dan spreek ik mijn grootste angst uit: "Ik kan niet zonder Levi mama! Ik weet niet hoe ik dat ooit moet doen!"
Mijn ouders houden mij en Timon vast en zeggen dat we moeten blijven vertrouwen. 

 

De arts komt naar ons toe om met ons te praten. We lopen richting 'het aquarium'. Dit is een gespreksruimte ergens apart in het ziekenhuis waar we rustig kunnen praten en onze vragen kunnen stellen. We hebben eigenlijk maar 1 vraag: Komt het goed? Maar op deze vraag kan de arts ons geen antwoord geven. De arts verteld ons dat het afwachten is. En dat betekend, hoe langer wij in het ziekenhuis zijn des te positiever is het. Voor nu houden ze Levi in slaap en is het echt alleen maar afwachten. Met deze informatie moeten wij het doen. 

 

Thuis is alle familie ingelicht. Ook worden er spullen voor ons gepakt. Wij kunnen niet verder nadenken, gelukkig hebben we zoveel lieve mensen om ons heen. Ook onze bruiloft word gecanceld. Volgende week zouden wij onze bruiloft vieren. Getrouwd waren we al, maar de kerkdienst en het feest zouden we op een later moment vieren. Het is voor nu allemaal niet meer belangrijk. Wij willen die bruiloft vieren met Levi erbij. 

 

 

 

 

Rating: 4.8636363636364 sterren
22 stemmen